Jullie doen het hè?

0

Eens weet je dat het moment eraan komt. Dan komt je tot het besef: hij weet het. En ik weet dat hij het weet. Voor nu doen we doen allebei net alsof we het niet weten. Zolang we er niet overpraten, zolang we het niet benoemen is het nog geen werkelijkheid. Noem het maar ontkenning. De koppen in het zand stekenHij wil eigenlijk helemaal geen bevestiging van datgene waar hij achter is gekomen, en ik wil er zo graag nog één jaartje mee doorgaan.

Gisteravond in bed vroeg hij het. Zomaar ineens out of the blue. “Jullie doen het hè?” En ik wist meteen wat hij bedoelde. Nerveus begon ik te lachen en nog voordat ik iets had kunnen antwoorden stopte hij zijn vingers in zijn oren en zag ik waterige ogen verschijnen. Ik had twee opties. De eerste was bekennen, wat zou betekenen dat zijn wereld in elkaar zou storten dus die optie viel af. Ik besloot te kiezen voor optie twee. Glashard liegen. Liegen dat het barst. Liegen terwijl hij wist dat ik aan het liegen was. Kun je dat dan eigenlijk liegen noemen? Of is dat dat dan ontkenning?
Ik vroeg aan hem wat hij had gehoord, en van wie. Maar dat wilde hij niet zeggen. Eigenlijk deed dat er ook niet toe, maar het gaf mij de gelegenheid om een plan te bedenken zodat hij mij weer ging geloven, en dat alles weer als vanouds zou zijn. Nadat hij telkens zijn vingers in zijn oren stopte als ik iets wilde zeggen besloot ik dat het genoeg was geweest voor die dag. Hij was duidelijk nog niet toe aan de waarheid. Hij wilde gaan slapen en dat vond ik een heel goed idee. Uitstel van executie.

Toen ik bijna beneden was riep hij me terug.
Met lood in mijn schoenen liep ik weer terug naar boven en bleef in de deuropening staan. “Maar die pieten bestaan toch wel? Zíj brengen toch die cadeautjes? Toch mama?” vroeg hij bijna wanhopig. Ik had zo met hem te doen, maar het was nog niet te laat! Het was nog niet helemaal verleden tijd. Hij zat nog in de twijfelzone, en ik was niet van plan om het genadeschot te geven. “Natuurlijk bestaan die pieten echt! Wie brengt anders allemaal die cadeautjes? Wij toch niet? We zijn niet ‘gek Jetje’, Dean.” Even bleef het stil. We keken elkaar aan en ik zag dat hij mijn overdreven enthousiaste toneelspel niet geloofde, maar hij gaf me groots een klein glimlachje, ging liggen en zei niks. En dat vond ik fijn. Nog één jaartje wil ik het vieren zoals de afgelopen 7 jaren. Met twee blije kindjes en een blije mama die alle drie nog geloven dat superhelden écht bestaan. We laten het zo. Nog één jaartje.

About Author

Sandy Janneman
'); } //-->

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.