Maartens beelddenk coaching

0

De lunch doet Tijs goed. Hij krijgt weer kleur op zijn wangen en oogt niet meer zo lusteloos.

‘Kun je eens tien lepels pakken?’ vraagt Maarten. Tijs rent naar de keuken en komt terug met twee handen vol.
‘Dit is jouw energie als je ’s morgens uitgerust wakker wordt’, legt Maarten uit. ‘Je hebt dan tien lepels energie. Best veel he?’

Tijs knikt.
‘Hoeveel lepels heb je over om twaalf uur, wanneer jij je brood eet op school?’
Tijs haalt er zonder twijfelen zes weg.
‘En hoeveel heb je er over als je om half drie thuis komt uit school?’
Twee zielige lepels blijven liggen.
‘ Waar krijg je energie van?’ vraagt Maarten.
‘Even niets doen, hangen op de bank, voetballen buiten, FIFA spelen.’

En dat herken ik. Tijs komt regelmatig wit en doodop thuis. Ik laat hem dan ook met rust, want ik weet uit ervaring dat hij na een half uurtje is bijgetrokken.

Weinig energie

‘Voelt het prettig dat je ’s middags zo weinig energie hebt?’
Tijs schudt zijn hoofd en staart naar de twee overgebleven lepels.
‘Hoeveel lepels zou je uit school willen over hebben?’
Tijs denkt na: ‘Zes of zeven?’
‘Waarom niet tien?’

‘Dat lukt toch niet? Ik moet toch opletten en veel opdrachten vind ik moeilijk. Die begrijp ik niet en dan ben ik heel moe als ik klaar ben. Maar als ik thuis kom, heeft mama altijd iets lekkers voor me en dan heb ik na een tijdje weer negen lepels.’

Ze geven elkaar een high-five. Het principe is snel tot mijn kind doorgedrongen. En ik besef dat de lepels energie ook op mij van toepassing is. Ik kan me ook vol storten op iets. Er keihard tegen aan gaan om na een tijdje te beseffen dat ik doodop ben. De energie niet goed over een dag verdelen. Ik neem me voor om hier aan te werken en ook regelmatig mijn rustmomenten te pakken. Ik hoef alleen maar aan de lepels op tafel te denken. Ik hoop dat Tijs dit beeld ook voor zich blijft zien, wanneer hij voelt dat het teveel wordt.

‘Als jij later groot bent en je hebt een tuin. Hoe zou die er en dan uitzien?’ schakelt Maarten moeiteloos over. Oké; van lepels naar tuinen….

Ik ben niet de enige die in de war is. Tijs snapt de vraag niet zo goed en blijft maar staren naar de lepels die nog op tafel liggen.

‘Leg ze maar weer terug’, zegt Maarten zacht.

Eigen tuin

Focussen is lastig voor mijn kind. Nu de lepels weg zijn kan hij zich richten op zijn allermooiste tuin: veel zonnebloemen, appelbomen, perenbomen en een moestuin zodat hij veel komkommers, tomaten en aardbeien kan eten.

‘Heeft jouw tuin ook een schutting of zo?’ vraagt Maarten.
‘Ja natuurlijk! En een deur uiteraard.’
‘Mag iedereen zomaar, zonder kloppen, in jouw tuin komen?’
‘Nee. Echt niet! Nou ja, papa en mama wel.’
‘En kun jij zomaar in de tuin van de buren komen?’
‘Wel als ik over de schutting klim.’

Ik zie het al helemaal voor me. Een volwassen Tijs, van bijna twee meter, die niet echt soepeltjes over de schutting klautert om in de tuin van de buren te komen.

Op dit moment staat Tijs ook werkelijk in zijn ideale tuin. Hij omschrijft tot in detail waar hij zijn groenten wil hebben.

‘Deze tuin ben jij, Tijs. Dit zijn jouw gevoelens en emoties. Die heb jij lekker afgeschermd met een grote, hoge schutting en een deur. Je verzorgt zelf de bloemen en planten door ze regelmatig water te geven. Jij kunt zelf aangeven wanneer je iemand wilt toelaten in je tuintje. Maar jij moet ook leren om niet zomaar in de tuintjes van anderen rond te lopen. Zorg er voor dat jij jouw tuintje netjes houdt. Alle andere mensen moeten voor hun eigen plantjes en bloemen zorgen. Je hoeft niet alle problemen van anderen op te lossen. Oke?’

Een diepe rimpel verschijnt op zijn voorhoofd.
‘Ik mag toch wel in het tuintje van mama komen?’
‘Je moeder kan heel goed zelf voor haar tuintje zorgen hoor. Als je in haar tuintje wilt, dan klop je eerst aan.’

Wie houdt Maarten nu eigenlijk een spiegel voor? Mijn kind? Mij? Of ons beiden? Dit is het moment dat bij mij alle puzzelstukjes razendsnel op zijn plek vallen. Ik besef dat ik ook hoog sensitief ben en een rasechte beelddenker. Ik voelde me altijd anders, voelde me regelmatig een buitenbeentje, voelde me vaak niet begrepen, terwijl het voor mij allemaal zo duidelijk was. Ik besef dat ik mijn intuïtieve kant veel te lang heb genegeerd, om maar zo gewoon mogelijk over te komen. Om maar niet constant de emoties van anderen te voelen. Om maar zo sterk mogelijk over te komen, want je bent al snel labiel als je emoties niet onder controle hebt.

Maarten voelt dat ik worstel en geeft Tijs de opdracht om in de achtertuin de voetbal tien keer hoog te houden.

‘Bijzonder he? Drie beelddenkers in één ruimte.’

‘Ik moet nog even wennen hoor!’ zeg ik zacht en wrijf over mijn hoofd, dat op dit moment overvol zit. Een barstende hoofdpijn komt dan ook opzetten.

‘Je wist het al toen je erachter kwam dat Tijs wel eens beelddenker kon zijn. Jullie houden elkaar steeds spiegels voor. Tijs spiegelt zich heel erg aan jou, wil constant jouw goedkeuring en voelt jouw emoties haarscherp aan. Jij weet en voelt wat er in Tijs omgaat en jij wil hem, misschien te krampachtig, laten weten dat jij hem begrijpt en aanvoelt. Geef elkaar de ruimte en zorg allebei vanaf nu voor jullie eigen tuintjes, oké?

Op dit moment besef ik dat Tijs en ik door Maartens bezoek op een kruispunt staan. Gaan we lekker veilig rechtdoor en zien we deze sessie als leerzaam en leuk. Of slaan we af en gaan we echt iets doen met de handvatten die Maarten ons al heeft aangereikt en nog zal gaan aanreiken. Want dat het keihard werken wordt voor zowel Tijs als voor mij is wel duidelijk. De oefeningen, om de onderontwikkelde linkerhersenhelft te trainen,  die Maarten nog voor Tijs in petto heeft liegen er niet om. Verder zal ik heel veel tijd moeten stoppen om Tijs volgens de ‘Ik leer anders’ methode de lesstof (rekenen/spelling) aan te reiken. En dat terwijl ik dacht dat Maarten dit allemaal in een paar sessies voor elkaar zou krijgen.

Ik loop naar buiten en kijk naar mijn kind die de bal probeert hoog te houden.
‘Kijk mam, het lukt me al zeven keer.’ Zijn ogen glimmen.
‘Ik heb nog een paar leuke oefeningen voor je. En dan is het klaar voor vandaag.’ Zegt Maarten.
Tijs is er weer helemaal klaar voor. En ik? Ik zie op dit moment maar één lepel op tafel liggen.

 

 

About Author

In 2012 kwam Aimee Pijl er per toeval achter dat haar kind wel eens een beelddenker kon zijn. Een nieuwe wereld ging voor haar open open en veel puzzelstukjes vielen op hun plek. Door over haar ervaringen van beelddenken te schrijven op haar website www.kind-in-beeld.com

Geef een reactie